Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 76 niet laden

Toon items op tag: Big Data

De coalitie die eerder de rechtszaak tegen SyRI won, roept de Eerste Kamer op de nog ingrijpendere datakoppelwet WGS af te wijzen. Volgens de partijen ligt het voorstel op ramkoers met de rechtsstaat en weigert het kabinet lessen te trekken uit de Toeslagenaffaire.

De Wet Gegevensverwerking door Samenwerkingsverbanden (WGS) maakt het mogelijk om data die overheden en bedrijven bewaren over burgers en bedrijven samen te brengen in zogeheten samenwerkingsverbanden. Overheidspartijen en bedrijven in zo’n samenwerkingsverband zijn verplicht hun gegevens samen te brengen. Dit moet helpen bij het bestrijden van allerlei vormen van criminaliteit en overtredingen. 

Het gaat onder de WGS niet alleen om feitelijke gegevens die bedrijven en overheden met elkaar delen, maar ook om signalen, vermoedens en volledige zwarte lijsten die worden uitgewisseld en met elkaar verknoopt. Daarbij kunnen deze partijen op basis van deze schaduwadministraties ‘interventies’ met elkaar afstemmen waarin ze handhavend optreden tegen burgers die in hun vizier belanden. 

Datasurveillance op burgers door overheden en bedrijven 

Om het massaal delen van persoonsgegevens tussen de overheid en bedrijven mogelijk te maken, schuift de WGS tal van geheimhoudingsplichten, privacyrechten en juridische waarborgen opzij die vanouds hebben gegolden voor het verwerken van persoonsgegevens. Dit leidt tot een “verregaande, grootschalige uitholling van de rechtsbescherming van burgers”, aldus de partijen: “Indien dit wetsvoorstel wordt aangenomen zal de deur wagenwijd open worden gezet voor de uitvoerende tak van de overheid om samen met private partijen zowel burgers als bedrijven te onderwerpen aan willekeur in de vorm van ongerichte data-surveillance.”

Het kabinet wil bovendien de mogelijkheid creëren om in geval van ‘spoed’ nieuwe samenwerkingsverbanden te starten, zonder dat de Kamer zich hierover kan buigen. Deze worden na hun oprichting pas voorgelegd aan de Kamer, die daarna moet beslissen of ze als wet worden aangenomen. Dit is in strijd met de Grondwet, die voorschrijft dat inbreuken op de privacy moeten worden opgenomen in wetgeving die door het parlement is goedgekeurd. De partijen vinden het onacceptabel dat het parlement niet wordt betrokken bij de totstandkoming van nieuwe samenwerkingsverbanden en hier pas over kan beslissen nadat ze zijn opgericht. 

Jarenlange onwettige praktijken legitimeren

Behalve de mogelijkheid om nieuwe samenwerkingsverbanden op te richten, bevat het voorstel ook vier samenwerkingsverbanden die al jarenlang functioneren, maar tot nu toe nooit in wetgeving waren vastgelegd. Met de WGS wil het kabinet daar nu achteraf alsnog een wettelijke basis voor creëren. 

De partijen uit de SyRI-coalitie wijzen erop dat het door de rechter verboden Systeem Risico Indicatie (SyRI) ook jarenlang zonder wettelijke basis werd toegepast en zien sterke overeenkomsten met de samenwerkingsverbanden die de WGS nu moet legitimeren: “Ingrijpende praktijken waarbij persoonsgegevens worden verwerkt in strijd met de fundamentele rechten van burgers, worden bij wijze van proef opgetuigd en jarenlang voortgezet, om deze later als voldongen feit te voorzien van een wettelijke basis. Fundamentele rechten die burgers moeten beschermen tegen ongerechtvaardigd overheidshandelen verworden daarbij tot te nemen obstakels.” 

Risico-analyses, zwarte lijsten en vermoedens

De coalitie schreef eerder dat de praktijken die onder de WGS moeten plaatsvinden, in vele opzichten lijken op de gegevensverwerkingen die vooraf gingen aan de Toeslagenaffaire. Op basis van geheime data-analyses werden lijsten met burgers die ten onrechte als crimineel fraudeur waren bestempeld, via verschillende instanties verspreid, waardoor de persoonlijke levens van tienduizenden gezinnen werden geruïneerd. Onder de samenwerkingsverbanden van de WGS zullen risico-analyses, zwarte lijsten en vele andere typen gegevens, vermoedens en signalen over burgers volop kunnen worden gedeeld tussen overheden en bedrijven. Privacytoezichthouder Autoriteit Persoonsgegevens adviseerde de Eerste Kamer in november 2021 de wet niet aan te nemen en stelde daarbij dat het voorstel kan leiden tot “Kafkaëske toestanden voor grote aantallen mensen.” 

De maatschappelijke coalitie tegen SyRI bestaat uit het Platform Burgerrechten, het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten, FNV, de Landelijke Cliëntenraad, Privacy First, Stichting KDVP en schrijvers Maxim Februari en Tommy Wieringa. 

Download HIER de recente brief van de coalitie aan de Eerste Kamer (pdf). 

Bron: https://bijvoorbaatverdacht.nl/syri-coalitie-eerste-kamer-moet-datasurveillancewet-super-syri-afwijzen/, 15 februari 2022. 

Gepubliceerd in Wetgeving

De partijen die in februari vorig jaar een rechtszaak wonnen tegen fraudesysteem SyRI, waarschuwen de Eerste Kamer voor een nog grotere en ingrijpendere datakoppelwet. “Dit voorstel legitimeert de werkwijze die leidde tot de toeslagenaffaire.”

De Wet Gegevensverwerking door Samenwerkingsverbanden (WGS) maakt het mogelijk om databases van zowel overheden als bedrijven in zogeheten samenwerkingsverbanden aan elkaar te knopen. Overheidspartijen en bedrijven in zo’n samenwerkingsverband zijn verplicht hun gegevens samen te brengen om daarmee data-analyses uit te voeren. Deze moeten helpen bij het bestrijden van allerlei vormen van criminaliteit en overtredingen.

De coalitie, bestaand uit het Platform Burgerrechten, FNV, het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten, Stichting Privacy First, Stichting KDVP, de Landelijke Cliëntenraad en auteurs Tommy Wieringa en Maxim Februari noemt de wet ‘Super SyRI’, omdat deze in meerdere opzichten verder gaat dan het vorig jaar door de rechter uit de wet geschrapte SyRI (Systeem Risico Indicatie). De partijen noemen het voorstel een bedreiging voor het functioneren van de rechtsstaat in een brief aan de Eerste Kamer, die deze dinsdag start met de behandeling.

Parlement buitenspel gezet

De Eerste en Tweede Kamer worden in dit voorstel buitenspel gezet, schrijven de partijen. De belangrijke onderdelen staan namelijk niet geregeld in de wet waarover de Kamer nu stemt, maar worden naderhand bepaald door de minister in lagere regelgeving. Kwesties als de hoeveelheid en soorten gegevens, de partijen die erbij kunnen en de manier waarop ze worden geanalyseerd en verder worden gebruikt, worden bepaald zonder dat de Kamer daarmee instemt. Zo’n wetsconstructie is in strijd met de Grondwet, die voorschrijft dat een inbreuk op de privacy moet worden goedgekeurd door het parlement. Als de Eerste Kamer instemt met deze insteek, plaatst ze zichzelf effectief langs de zijlijn.

Alle data over burgers fair game

Het kabinet stelt in haar toelichting op de wet dat het ‘nee, tenzij’ principe bij het verwerken van persoonsgegevens moet worden omgedraaid naar een ‘ja, mits’. Daarmee keert ze het doelbindingsprincipe om, dat voorschrijft dat persoonsgegevens verzameld voor een specifiek doel, niet zomaar voor andere doelen mogen worden verwerkt. De vanzelfsprekende vertrouwelijkheid waarmee werd omgegaan met persoonsgegevens, wordt daarmee afgeschaft, zo schrijven de partijen. “Alle data over burgers zijn ‘fair game’ onder de WGS.”

Voor burgers wordt het zo onmogelijk om na te gaan wat er zoal over hen wordt uitgewisseld, waar deze informatie terechtkomt en welke gevolgen dat kan hebben. Het gaat onder de WGS niet alleen om feitelijke gegevens die bedrijven en overheden met elkaar delen, maar ook om signalen, vermoedens en volledige zwarte lijsten die worden uitgewisseld en met elkaar verknoopt. Daarbij is het de bedoeling dat deze partijen op basis van deze schaduwadministraties ‘interventies’ met elkaar afstemmen waarin ze handhavend optreden tegen burgers die ze in het vizier krijgen.

Blauwdruk voor meer toeslagenaffaires

Uit de toeslagenaffaire is gebleken dat het heimelijk plaatsen van burgers op lijsten rampzalige gevolgen kan hebben. Het wetsvoorstel voor de WGS leest als een blauwdruk voor een nieuw data-schandaal, stellen de partijen: “Met dit voorstel koerst het kabinet af op een vorm van governance die niet past in een vrije samenleving en doet denken aan de dataverwerkingspraktijken die vooraf gingen aan de toeslagenaffaire.”

De coalitie hoopt dat de fundamentele bezwaren tegen dit voorstel, die eerder werden geuit door de Raad van State en de Autoriteit Persoonsgegevens, in de Eerste Kamer tot een uitvoerige en kritische behandeling leiden. De Tweede Kamer nam het voorstel aan op 17 december 2020, de dag dat het rapport “Ongekend Onrecht” van de parlementaire ondervragingscommissie kinderopvangtoeslagaffaire werd gepubliceerd. “Met dit debacle zo vers in het geheugen verdient dit voorstel, dat de door Belastingdienst gehanteerde werkwijze in feite van een wettelijke basis voorziet, een grondige behandeling in de Kamer die de nadrukkelijke verantwoordelijkheid heeft voor het bewaken van de kwaliteit van wetgeving.”

Bron: https://bijvoorbaatverdacht.nl/syri-coalitie-aan-eerste-kamer-super-syri-blauwdruk-voor-meer-toeslagenaffaires/, 11 januari 2021. 

Gepubliceerd in Wetgeving

Terwijl de inkt van het SyRI-vonnis nog moet drogen, dient het kabinet alweer een wetsvoorstel voor een grotere, ingrijpender opvolger in. Volgens de coalitie tegen het Systeem Risico Indicatie (SyRI) is er niets geleerd uit de rechtszaak: “De uitspraak over SyRI was een streep in het zand. Daar gaat de regering nu met een bulldozer overheen.” In een brief aan het kabinet roept de maatschappelijke coalitie die in februari een rechtszaak won tegen SyRI de regering op om de invoering van een grotere datasurveillancewet (WGS) op te delen en uit te stellen.

Op het laatste moment uitgebreid

Het kabinet slaat met het wetsvoorstel Gegevensverwerking door Samenwerkingsverbanden (WGS) de hevige kritiek van NGO’s en de negatieve adviezen van de Raad van State en de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) in de wind. Dat is op zich al ernstig. Daarbovenop werd het voorstel op het laatste moment, nadat de Raad van State en AP reeds hun adviezen over het wetsvoorstel hadden uitgebracht, uitgebreid met vier publiek-private SyRI’s: samenwerkingsverbanden die nog niet in de eerdere versie van het wetsvoorstel stonden. Dit terwijl de Raad van State juist stelde dat elk samenwerkingsverband een afzonderlijke wet vereist.

Daarmee doet het kabinet het tegenovergestelde van wat de Raad van State adviseert en wordt de wet zo complex dat een grondige parlementaire behandeling van alle onderdelen vrijwel onmogelijk wordt. Door de wet zo fors uit te breiden nadat de Raad van State en de AP er al over adviseerden, zijn deze organen bovendien buitenspel gezet in hun wettelijke adviesrol, zo stelt de SyRI-coalitie in haar brief.

Gevaar voor de rechtsstaat

Het voorstel was ook zonder de vier samenwerkingsverbanden reeds zeer controversieel. De WGS biedt vergeleken met SyRI immers nog ruimere mogelijkheden om grootschalige datasurveillance toe te passen op burgers, teneinde schaduwadministraties aan te leggen voor uiteenlopende doelen. In de SyRI-wetgeving was dit beperkt tot overheidsdatabases, onder de WGS kunnen alle data die bij publieke én private partijen liggen opgeslagen worden gekoppeld en geanalyseerd.
Tijmen Wisman, voorzitter van het Platform Burgerrechten: “Werkelijk alle her en der opgeslagen persoonsgegevens worden met dit wetsvoorstel fair game voor massasurveillance. Deze data kunnen voortaan zonder verdachtmaking of concrete aanleiding tegen burgers worden gebruikt in heimelijke analyses met ingrijpende gevolgen. In onze ogen vormt dit voorstel daarom een gevaar voor het functioneren van de rechtsstaat.”

Niets geleerd van SyRI en toeslagenaffaire

De coalitie schrijft dat het voorstel de risico’s van heimelijke data-analyses op burgers miskent. Hoe desastreus de gevolgen daarvan kunnen zijn, is op dit moment actueler dan ooit wegens de toeslagenaffaire. “Duizenden onschuldige burgers werden hierdoor geraakt. De gegevensanalyses op basis waarvan dit gebeurde waren ondoorzichtig, discrimineerden en zijn tot op de dag van vandaag geheim voor de getroffen burgers.”

De partijen in de SyRI-coalitie constateren dat het kabinet net als in 2014 bij de invoering van SyRI de kritiek van haar adviesorganen slechts cosmetisch overneemt. Zowel de Autoriteit Persoonsgegevens als de Raad van State gaven in niet mis te verstane woorden aan dat de WGS de rechtsbescherming van de burger ernstig ondermijnt. Deze fundamentele kritiek is niet geadresseerd in het aangepaste voorstel dat naar de Tweede Kamer is verstuurd.

Haastige behandeling

Vooralsnog lijkt vanuit de kabinetspartijen te worden ingezet op haast bij de invoering van het voorstel in de Kamer. Nog voordat het bij de Kamergriffier binnenkwam, verzocht het CDA al om een zo spoedig mogelijke behandeling op 15 mei 2020; dit verzoek haalde het op één stem na niet. De eerste behandeling van het wetsvoorstel staat nu vandaag gepland.

Deze gang van zaken is onacceptabel, licht Wisman toe: “Niet alleen blijkt het kabinet zich niets gelegen te laten liggen aan de oorzaken van het SyRI-debacle, de publiek-private opvolger moet ook nog eens in hoog tempo door het parlement worden geloodst. De uitspraak van de rechtbank over SyRI was een streep in het zand. Daar gaat men nu met een bulldozer overheen.”

Het kabinet zou volgens de coalitie op zijn minst de vier samenwerkingsverbanden die onderdeel zijn van de WGS, als aparte wetsvoorstellen moeten indienen, zo stellen de organisaties in hun brief: “Opdat de wetgevingsprocedure deze keer wél zorgvuldig kan worden doorlopen, zodat de burger deze keer wél beschermd wordt tegen nieuwe misstanden.”


Lees HIER de brief (pdf) die de maatschappelijke coalitie tegen SyRI deze week aan het kabinet stuurde.

Bovenstaand artikel verscheen eerder op https://bijvoorbaatverdacht.nl/syri-coalitie-maant-kabinet-stop-overhaaste-invoering-super-syri/.

Gepubliceerd in Wetgeving

Vandaag heeft de rechtbank in Den Haag uitspraak gedaan over de inzet van het algoritmesysteem SyRI (Systeem Risico Indicatie) door de overheid. De rechter besloot dat de overheid moet stoppen met het profileren van burgers met grootschalige data-analyse om fraude met sociale voorzieningen op te sporen. Nederlanders zijn niet langer ‘bij voorbaat verdacht’.

De rechtszaak tegen de Nederlandse Staat was aangespannen door een coalitie van maatschappelijke organisaties, bestaand uit het Platform Bescherming Burgerrechten, het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM), Privacy First, Stichting KDVP, vakbond FNV, de Landelijke Cliëntenraad en auteurs Tommy Wieringa en Maxim Februari.

De rechtbank komt tot het oordeel dat SyRI in strijd is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. SyRI maakt een onevenredig grote inbreuk op het privéleven van burgers. Dat geldt niet alleen voor mensen die door SyRI als verhoogd risico worden aangemerkt, maar voor iedereen waarvan de gegevens door SyRI worden geanalyseerd. Volgens de rechtbank is SyRI niet transparant en daarom niet controleerbaar. De inbreuk op het privéleven is voor burgers niet te voorzien en zij kunnen zich er niet tegen verweren.

De rechtbank noemt daarnaast het reële risico van discriminatie en stigmatisering van burgers in zogenaamde probleemwijken waar SyRI is ingezet. Dit op grond van sociaal-economische status en mogelijk migratieachtergrond. Er is een risico op vooroordelen bij de inzet van SyRI dat niet te controleren is. Mr. Ekker en mr. Linders, advocaten van de eisende partijen: "De rechtbank bevestigt dat het grootschalig koppelen van persoonsgegevens in strijd is met fundamentele mensenrechten, waaronder de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, EU-recht en Nederlands recht. Deze uitspraak is daarom ook belangrijk voor andere Europese landen en op internationaal niveau."

Voortaan mogen persoonsgegevens van onverdachte burgers niet zomaar meer worden samengevoegd uit verschillende bronnen, als daar geen gegrond vermoeden aan ten grondslag ligt.

Streep in het zand 

"Dit vonnis is een belangrijke streep in het zand tegen ongebreidelde dataverzameling en risicoprofilering. De rechter roept hiermee een duidelijke halt toe aan massale surveillance van onschuldige burgers. SyRI en vergelijkbare systemen dienen nu per direct te worden afgeschaft", aldus directeur Vincent Böhre van Privacy First.

"We hebben vandaag op alle grote fundamentele punten gelijk gekregen. Dit is een tijdige overwinning voor de rechtsbescherming van alle burgers in Nederland," aldus Tijmen Wisman van het Platform Bescherming Burgerrechten. 

Ook mede-eiser vakbond FNV keurt SyRI op principiële gronden af. "Wij zijn blij dat de rechter nu definitief een streep door SyRI haalt", aldus Kitty Jong, vicevoorzitter van FNV.

Kentering

De partijen hopen dat de uitspraak een kentering inluidt in de wijze waarop de overheid omspringt met data van burgers. Ze voelen zich daarin gesterkt door de overwegingen van de rechtbank: deze gelden niet alleen voor SyRI, maar ook voor vergelijkbare praktijken. Zo hebben veel gemeenten eigen datakoppelsystemen die burgers profileren voor allerhande beleidsdoeleinden. Een koppelwetsvoorstel met een nog grotere reikwijdte dan SyRI zal het mogelijk maken om ook databases van private partijen te koppelen met overheidsdatabases. De uitspraak van de rechtbank Den Haag stelt echter paal en perk aan deze Big Data praktijken. Het is volgens de eisende partijen daarom cruciaal dat het SyRI-vonnis doorwerkt in het huidige en toekomstige politieke beleid.

Maatschappelijke discussie

De rechtszaak tegen SyRI dient zowel een juridisch als een maatschappelijk doel. Met dit vonnis zien eisers beide doelen gerealiseerd worden. Merel Hendrickx van het PILP-NJCM: "Het was naast het stoppen van SyRI evenzeer onze insteek om een maatschappelijke discussie op gang te brengen over de manier waarop de overheid met haar burgers omgaat in een digitaliserende samenleving. Deze uitspraak laat zien hoe belangrijk het is om die maatschappelijke discussie te voeren."

Hoewel de wettelijke aanname van SyRI in 2014 geruisloos verliep, zwol de discussie over de rechtmatigheid van het systeem aan na aankondiging van de rechtszaak. Inzet van SyRI in twee wijken in Rotterdam-Zuid leidde begin 2019 tot protest onder de inwoners en discussie in de gemeenteraad. Niet veel later trok burgemeester Aboutaleb de stekker uit het onderzoek wegens twijfels over de wettelijke grondslag. In juni 2019 onthulde de Volkskrant dat SyRI sinds haar invoering nog niet één fraudeur had opgespoord. In oktober 2019 schreef VN-rapporteur Philip Alston in een kritische brief aan de rechtbank grondige twijfels te hebben over de rechtmatigheid van SyRI. Eind november 2019 won SyRI een Big Brother Award.

De coalitie werd tijdens de rechtszaak vertegenwoordigd door Anton Ekker (Ekker Advocatuur) en Douwe Linders (SOLV Advocaten) en wordt gecoördineerd door het Public Interest Litigation Project (PILP) van het NJCM.

De volledige uitspraak van de rechtbank staat HIER online. 

Gepubliceerd in Rechtszaken
woensdag, 06 november 2019 17:24

Dataroof

Column: Dataroof

Door Simone van Dijk


In een koffer onder mijn bed liggen spulletjes van vroeger. Spulletjes waar ik waarde aan hecht en al die jaren heb bewaard. Hiertussen zitten ook mijn getuigschriften en rapporten van mijn basis- en middelbare school. Deze getuigschriften en rapporten zijn allemaal handgeschreven. Ik heb daar een versie van en wellicht heeft de school daar ook nog enige tijd een versie van bewaard. Na verloop van tijd zijn de versies van school vernietigd. Weg, niet meer terug te vinden.

Over de tijd tussen de rapporten is niets over mij gedocumenteerd. Hoe ik precies presteerde op een woensdag in november, hoe mijn stemming was, hoe mijn psychische of fysieke toestand was, waar ik was, met wie ik omging en wat ik deed, is niet bekend en niet meer terug te halen. Wellicht een getuigenis van een oud-leraar die zich nog iets over mij herinnert, een specifieke gebeurtenis. Maar niets is terug te halen tot op een bepaalde dag, een bepaalde tijd. Alleen mijn getuigschriften en rapporten zijn er nog. En alleen ingeval ik beslis de inhoud hiervan aan iemand bekend te maken wordt deze informatie over mij geopenbaard. Anders niet.

Dat is nu anders. Google is bezig de openbare scholen massaal te voorzien van Chromebooks (zie Volkskrant, 1 november 2019, reportage over Google en basisonderwijs). Een laptop die draait op het besturingssysteem Chrome van Google en waarmee kinderen werken op de online harde schijf (cloud) van Google. De Chromebooks zijn goedkoop en de software wordt gratis geleverd. De verkoop hiervan is dan ook niet de core business van Google. De Chromebooks zijn slechts een middel om te verkrijgen waar het Google daadwerkelijk om gaat. Data, het liefst zoveel mogelijk.

Data is de olie van deze tijd. Bedrijven als Google worden exorbitant rijk omdat zij in data handelen. Onze data. Merkwaardig genoeg blijken wij telkens weer bereid om deze zo waardevolle data gratis weg te geven. En niet alleen onze data, ook de data van onze kinderen.

Ouders, leraren maar ook de overheid lijken zich niet bewust van wat er speelt. Kinderen laten via de Chromebooks digitale sporen achter die gebruikt kunnen worden om het gedrag van onze kinderen te voorspellen en te sturen. Deze data kan direct uit de leerresultaten worden gehaald, maar ook nog uit de zogenaamde ‘restdata’. Dit is informatie zoals welk thema stel je als achtergrond in, welke kleur buttons kies je, hoe snel of hoe langzaam typ je, welke spelfouten maak je, wat is je locatie, wie zijn je contacten, hoe klinkt je stem en hoe is je gezichtsuitdrukking die via de camera op de laptop kan worden gefilmd.

Aan de hand van al deze data kan onder andere voorspeld worden wat de persoonlijkheid van onze kinderen is, wat hun gevoelens zijn, wanneer ze kwetsbaar zijn, wanneer ze moe zijn, wanneer ze zich zorgen maken, wat hun seksuele geaardheid is en uiteindelijk ook wat hun politieke voorkeur is of zal zijn. Daarnaast kan deze informatie gecombineerd worden met data van klasgenootjes, broertjes en zusjes en data van de ouders. Op deze manier kan Google ook inzicht krijgen over wat zich binnen een gezin afspeelt. Al deze informatie zou je normaal gesproken niet zomaar prijsgeven. En zeker niet zomaar met duizenden bedrijven en mensen delen waarvan je niet weet wie ze zijn en wat ze met deze informatie over jou gaan doen.

Al deze data wordt opgeslagen en zal er nooit meer ‘niet’ zijn. Alles wat onze kinderen in hun jeugd doen en denken blijft voor altijd bekend. Niet zozeer bij henzelf maar bij ‘hen’, wie dat dan ook mogen zijn. Een permanent record wordt over onze kinderen bijgehouden en opgeslagen.

Het gedrag van onze kinderen kan niet alleen voorspeld worden, maar ook gestuurd, gemanipuleerd. Zo kunnen onze kinderen verleid worden tot de koop van bepaalde producten en tot het maken van politieke keuzes, zonder dat zij het gevoel hebben dat ze worden gestuurd. Niet alleen de persoonlijke vrijheid van onze kinderen komt hiermee in het geding, maar ook onze democratie.

En aan wie geven we die data? Ingeval van Google Chromebooks aan Google die het vervolgens aan honderden of misschien wel duizenden bedrijven kan doorverkopen. Bedrijven met medewerkers die we niet kennen. We hebben geen idee aan wie het wordt verkocht, wat ze er mee doen, welke conclusies er over onze kinderen worden getrokken en welke gevolgen deze voor onze kinderen kunnen hebben, nu en in de toekomst. Google stelt dat zij deze data niet doorverkoopt. Maar zelfs als dit waar zou zijn dan nog zou je niet willen dat Google deze data over onze kinderen in haar bezit heeft.

Via Google Chromebooks geven wij ouders, scholen, maar ook zeker de overheid al deze waardevolle en gevoelige informatie over onze kinderen gratis en zonder enige nadere overdenking weg. Informatie die wij zelf in een koffer onder ons bed hebben staan. Informatie waar wij zelf over beslissen of wij die met anderen delen.

Wij ontnemen onze kinderen de mogelijkheid om later zelf te beslissen wat zij over zichzelf in de openbaarheid willen brengen. Wij ontnemen hen het recht om ongezien fouten te kunnen maken. Wij brengen hun recht op vrijheid en democratie ernstig in het geding.

Er ligt dan ook niet alleen een taak voor de ouders en scholen om onze kinderen tegen deze ‘dataroof’ (Shoshana Zuboff, The Age of Surveillance Capitalism, NPO 2 VPRO Tegenlicht ‘De grote dataroof’) te beschermen, maar ook voor de overheid. Immers, moeten wij als land willen dat deze zo waardevolle en gevoelige informatie van onze toekomstige generatie in handen ligt bij Google en wellicht duizenden andere bedrijven of mogendheden waarvan wij niet weten wie zij zijn en wat hun intenties zijn?

Gepubliceerd in Kinderen en Privacy

Fundamentele rechtszaak tegen massale risicoprofilering van onverdachte burgers

Op dinsdag 29 oktober as. om 9.30 uur vindt in de Rechtbank Den Haag de rechtszitting plaats in de bodemprocedure van een brede coalitie van maatschappelijke organisaties tegen het Systeem Risico Indicatie (SyRI). SyRI licht met geheime algoritmen complete woonwijken door om burgers te profileren op het risico dat ze frauderen met sociale voorzieningen. Volgens de coalitie van eisers vormt dit systeem een bedreiging voor de rechtsstaat en moet SyRI onrechtmatig worden verklaard.

De groep eisers, bestaande uit de Stichting Platform Bescherming Burgerrechten, het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM), Stichting Privacy First, Stichting KDVP en de Landelijke Cliëntenraad, daagde in maart 2018 het Ministerie van Sociale Zaken voor de rechter. Auteurs Tommy Wieringa en Maxim Februari, die zich eerder zeer kritisch uitspraken over SyRI, sloten zich op persoonlijke titel bij de procedure aan. In juli 2018 voegde ook FNV zich bij de coalitie.

De partijen laten zich vertegenwoordigen door Anton Ekker (Ekker Advocatuur) en Douwe Linders (SOLV Advocaten). De zaak wordt gecoördineerd door het Public Interest Litigation Project (PILP) van het NJCM.

Sleepnetmethode op onverdachte burgers

SyRI koppelt op grote schaal persoonsgegevens van burgers uit overheidsdatabases. De centraal bijeengebrachte gegevens worden vervolgens geanalyseerd met geheime algoritmen. Dit moet uitwijzen of burgers een risico vormen om zich schuldig te maken aan één van de vele fraudevormen en overtredingen die het systeem bestrijkt. Leidt de analyse van SyRI tot een risicomelding, dan wordt een burger opgenomen in het zogeheten Register Risicomeldingen, dat inzichtelijk is voor overheidsinstanties.

Met deze sleepnetmethode licht SyRI alle inwoners van een wijk of gebied door. Hiervoor gebruikt het systeem vrijwel alle gegevens die overheden over burgers bewaren. Het gaat om 17 datacategorieën, die tezamen een zeer indringend en volledig beeld geven van iemands privéleven. Op dit moment beslaat SyRI de databases van de Belastingdienst, de Inspectie SZW, UWV, SVB, gemeenten en IND. Volgens de Raad van State, dat een negatief advies gaf over het SyRI-wetsvoorstel, viel er nauwelijks een gegeven te bedenken dat niet binnen de reikwijdte van het systeem valt. Voormalig voorzitter Kohnstamm van de Autoriteit Persoonsgegevens, die eveneens negatief advies over het systeem uitbracht, noemde de aanname van de SyRI-wetgeving destijds “dramatisch”.

Bedreiging voor de rechtsstaat

SyRI is volgens de eisende partijen een black box met grote risico’s voor de democratische rechtsstaat. Het is voor een burger die zonder aanleiding door SyRI kan worden doorgelicht volstrekt onduidelijk welke gegevens daarvoor worden gebruikt, welke analyses daarmee worden uitgevoerd en wat hem of haar al dan niet tot 'risico' maakt. Bovendien zijn burgers door de heimelijke werking van SyRI ook niet in staat om een onjuiste risicomelding te weerleggen. De rechtsgang en de daarbij horende procedures worden met de inzet van SyRI ondoorzichtig.

SyRI ondermijnt daarmee de vertrouwensrelatie tussen de overheid en haar burgers; deze burgers zijn in feite bij voorbaat verdacht. Vrijwel alle informatie die ze delen met de overheid, vaak om in aanmerking te komen voor basale voorzieningen, kan zonder verdachtmaking of voorafgaand vermoeden op heimelijke wijze tegen hen worden gebruikt.

De partijen bij deze procedure zijn niet tegen het bestrijden van fraude door de overheid. Zij vinden alleen dat dit op grond van een concrete verdenking dient te gebeuren. Er mag niet middels sleepnetacties in het privéleven van niet-verdachte Nederlandse burgers worden gezocht naar mogelijke risico's op fraude. Deze disproportionele methode doet volgens de eisende partijen meer kwaad dan goed. Er bestaan betere en minder ingrijpende vormen van fraudebestrijding dan SyRI.

Nog niet één fraudeur opgespoord

De in totaal vijf SyRI-onderzoeken die sinds de wettelijke invoering werden aangekondigd, hebben inmiddels tienduizenden burgers binnenstebuiten gekeerd, maar spoorden tot nu toe nog niet één fraudeur op. Dit werd eind juni 2019 onthuld door de Volkskrant, die de hand wist te leggen op evaluaties van SyRI-onderzoeken. De onderzoeken mislukten doordat de analyses niet klopten, door gebrek aan capaciteit en tijd bij de uitvoerende instanties, maar ook omdat er binnen de overheid onenigheid is over SyRI.

Zo trok burgemeester Aboutaleb van Rotterdam afgelopen zomer de stekker uit het SyRI-onderzoek in twee wijken in Rotterdam-Zuid, omdat het Ministerie in tegenstelling tot de gemeente ook politiegegevens en zorggegevens wilde gebruiken bij het onderzoek. De inzet van SyRI leidde tevens tot protest onder de inwoners van de wijken, die duidelijk lieten merken zich beledigd en oneerlijk behandeld te voelen.

VN uit zorgen over SyRI

De VN-rapporteur op het gebied van extreme armoede en mensenrechten Philip Alston schreef de rechtbank eerder deze maand aan over zijn zorgen omtrent SyRI en verzocht de rechters met klem de zaak grondig te beoordelen. Volgens de rapporteur zijn er meerdere fundamentele rechten in het geding. SyRI wordt in de brief beschreven als een digitaal equivalent van een sociaal rechercheur die elk huishouden in een gebied zonder toestemming bezoekt en doorzoekt op frauduleuze zaken; in de analoge wereld zou zo’n massale klopjacht direct tot grote weerstand leiden, maar bij een digitaal instrument als SyRI wordt ten onrechte een ‘wat niet weet, wat niet deert’ mentaliteit gehanteerd.

Praktische informatie

De zitting is openbaar toegankelijk voor het publiek en zal plaatsvinden op dinsdag 29 oktober as. vanaf 9.30u in het Paleis van Justitie, Prins Clauslaan 60 in Den Haag. Privacy First nodigt u van harte uit om de zitting bij te wonen. Zaaknummer: C/09/550982 HA ZA 18/388 (Nederlands Juristen Comité c.s./Staat). Klik HIER voor een routebeschrijving.

Bron: campagnewebsite Bijvoorbaatverdacht.nl.

Update 20 november 2019: de uitspraak van de rechtbank staat vooralsnog gepland op 5 februari 2020 om 10.00u. De pleitnota van onze advocaten kunt u HIER downloaden (pdf).

Gepubliceerd in Rechtszaken
dinsdag, 27 maart 2018 08:34

Staat gedagvaard om risicoprofilering burgers

Een groep maatschappelijke organisaties dagvaardt vandaag de Nederlandse staat om het Systeem Risico Indicatie, kortweg SyRI. Volgens de eisers is het risicoprofileringssysteem een ‘black box’ die een risico vormt voor de democratische rechtsstaat en moet de toepassing hiervan worden gestopt.

De coalitie van eisers bestaat uit het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM), Stichting Privacy First, Stichting KDVP, de Stichting Platform Bescherming Burgerrechten en de Landelijke Cliëntenraad (LCR). Auteurs Tommy Wieringa en Maxim Februari hebben zich op persoonlijke titel als eisers aangesloten. Als ambassadeurs van de rechtszaak spraken zij zich reeds meerdere malen fel uit tegen SyRI.

De procedure wordt behandeld door Deikwijs Advocaten en is opgezet door het Public Interest Litigation Project (PILP) van het NJCM.

Sleepnetacties met geheime algoritmes op onverdachte burgers

SyRI koppelt op grote schaal persoonsgegevens van onverdachte burgers uit databanken van overheden en bedrijven. Een geheim algoritme voorspelt vervolgens of ze een risico vormen om één van de vele wetten die het systeem beslaat te overtreden. Leidt de analyse van SyRI tot een risicomelding, dan wordt een burger opgenomen in het zogeheten Register Risicomeldingen, dat inzichtelijk is voor een groot aantal overheidsinstanties.

SyRI is een ‘black box’ die grote risico’s bevat voor de democratische rechtsstaat. Het is voor een burger die zonder enkele aanleiding door SyRI kan worden doorgelicht, volstrekt onduidelijk welke gegevens daarvoor worden gebruikt, welke analyses daarmee worden uitgevoerd en wat hem of haar al dan niet tot risico maakt. Bovendien is de burger door de heimelijke werking van SyRI ook niet in staat om een onjuiste risicomelding te weerleggen.

Volgens de coalitie schendt SyRI meerdere fundamentele rechten en wordt de vertrouwensrelatie tussen de overheid en haar burgers door het systeem ondermijnd. Burgers zijn bij voorbaat verdacht en vrijwel alle informatie die ze delen met de overheid kan zonder verdachtmaking of concrete aanleiding op heimelijke wijze tegen hen worden gebruikt.

Ministerie weigert transparantie over werkwijze

Ondanks fundamentele bezwaren van de Raad van State en de Autoriteit Persoonsgegevens over de rechtmatigheid van het systeem, werd de wetgeving voor SyRI eind 2014 als hamerstuk aangenomen door de Tweede en Eerste Kamer. SyRI wordt echter al ingezet sinds 2008. Sindsdien zijn er tientallen onderzoeken uitgevoerd waarbij gehele wijken in verschillende Nederlandse steden door SyRI zijn doorgelicht. Sinds de wettelijke vastlegging werd het systeem in Eindhoven en Capelle aan den IJssel ingezet. Onlangs is aangekondigd dat SyRI zal worden toegepast in de wijken Rotterdam Bloemhof en Hillesluis en Haarlem Schalkwijk.

Een Wob-verzoek leverde nauwelijks informatie op over de tientallen SyRI-onderzoeken die zowel voor als na de wettelijke vastlegging in 2014 zijn uitgevoerd. Door inzage te geven in de gebruikte gegevens en risicomodellen zouden calculerende burgers weten waarop ze moeten letten wanneer zij fraude plegen, zo luidt de reden van het Ministerie van Sociale Zaken om geen openheid van zaken te geven. Volgens de eisers is dit in strijd met onder meer de informatieplicht en het recht op een eerlijk proces.

Meer informatie

Rondom de rechtszaak is de voorlichtingscampagne ‘Bij Voorbaat Verdacht’ gestart. Op de campagnewebsite www.bijvoorbaatverdacht.nl worden updates over de rechtszaak geplaatst en zal een publiekssamenvatting van de dagvaarding verschijnen. De volledige dagvaarding is te raadplegen op de website van Deikwijs Advocaten www.deikwijs.nl (pdf). 

Update 16 oktober 2018: de rechtbank Den Haag heeft FNV toegelaten als mede-eiser in de rechtszaak.

Update 23 april 2019: de rechtszitting zal plaatsvinden op 29 oktober 2019 bij de rechtbank Den Haag. Iedereen is van harte welkom om de zaak bij te wonen! 

Gepubliceerd in Rechtszaken

Een groep maatschappelijke organisaties, aangevoerd door het Platform Bescherming Burgerrechten, start een bodemprocedure tegen de Nederlandse Staat over het risicoprofileringssysteem SyRI. De rechtszaak heeft ten doel een halt toe te roepen aan de risicoprofilering van onverdachte burgers in Nederland.

Naast de juridische coalitie die bestaat uit het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM), Stichting Privacy First, Stichting KDVP en Stichting Platform Bescherming Burgerrechten, heeft auteur Tommy Wieringa zich als mede-eiser bij de rechtszaak aangesloten. Hij zal met publicist en filosoof Maxim Februari optreden als ambassadeur van de campagne die rondom de rechtszaak zal worden gevoerd. De procedure wordt behandeld door Deikwijs Advocaten en is opgezet door het Public Interest Litigation Project (PILP) van het NJCM.

Werking van SyRI

In SyRI, het Systeem Risico Indicatie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), worden op grote schaal persoonsgegevens van Nederlandse burgers samengevoegd en geanalyseerd. Met behulp van geheime algoritmen worden burgers vervolgens onderworpen aan een risicoanalyse. Wanneer volgens SyRI sprake is van een verhoogd risico op overtreding van één van de vele wetten die het systeem bestrijkt, worden zij opgenomen in het Register Risicomeldingen, dat toegankelijk is voor vele overheidsinstanties.

Iedere burger kan heimelijk worden onderworpen aan profilering in SyRI. Hij/zij weet niet welke gegevens zijn gebruikt, welke analyses zijn toegepast en wat hem of haar al dan niet tot een ‘risico’ maakt. SyRI kan echter ingrijpende gevolgen hebben. Overheidsinstanties kunnen naar aanleiding van een risicomelding maatregelen treffen waarbij ze boetes opleggen, uitkeringen intrekken of een strafrechtelijke procedure starten. Het is voor de burger onmogelijk te achterhalen hoe een risicomelding tot stand is gekomen en een onjuiste melding te weerleggen. In de praktijk komt dit neer op een omkering van de bewijslast.

Bedreiging voor de rechtsstaat

De toepassing van SyRI betekent een schending van fundamentele rechten, waaronder het recht op een eerlijk proces. Het algemeen belang van fraudebestrijding kan dat niet rechtvaardigen. Gevoelige gegevens worden door de overheid gebruikt voor andere doeleinden dan waarvoor deze zijn verzameld, zonder enige vorm van onafhankelijk toezicht. Er zijn onvoldoende waarborgen om te voorkomen dat de risicoprofielen die SyRI over burgers maakt, worden ingezet in andere domeinen. Deze ‘black box’ levert grote risico’s op voor de democratische rechtsstaat. De informatiemacht van de overheid wordt op ondoorzichtige wijze uitgebreid en de vertrouwensrelatie tussen overheid en burgers wordt ondermijnd. Burgers worden bij voorbaat verdacht en vrijwel alle informatie die zij delen met de overheid kan zonder verdachtmaking of concrete aanleiding tegen hen worden gebruikt.

Fundamentele bezwaren genegeerd

Ondanks fundamentele bezwaren van de Raad van State en de Autoriteit Persoonsgegevens over de rechtmatigheid van het systeem, werd de wetgeving voor SyRI als hamerstuk aangenomen door de Eerste en Tweede Kamer. Sinds de invoering eind 2014 zijn in twee SyRI-projecten duizenden Nederlandse burgers door het systeem geprofileerd – daarbij de 21 projecten die voor de wettelijke invoering van het systeem plaatsvonden niet meegeteld.

In strijd met het EVRM

De coalitie is van mening dat SyRI in strijd is met het recht op privacy zoals neergelegd in artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Dat recht wordt door de Nederlandse Staat met voeten getreden. Het wordt niet ingezet als toets voor het handelen van de overheid, maar juist misbruikt om bevoegdheden op te rekken. De EU-lidstaten hebben in de nieuwe Europese Privacyverordening (Algemene Verordening Gegevensbescherming, AVG) allerlei uitzonderingen ingebouwd die systemen zoals SyRI mogelijk moeten maken. Met een beroep op de fundamentele mensenrechten hoopt de coalitie een halt toe te roepen aan dit soort praktijken.

Publieke lancering

Op vrijdagavond 19 januari as. zal de procedure door advocaten Anton Ekker en Douwe Linders aan pers en publiek worden toegelicht in theater De Nieuwe Liefde in Amsterdam. Tegelijk wordt deze avond de publiekscampagne Bij Voorbaat Verdacht gelanceerd. Op deze bijeenkomst zullen Tommy Wieringa en Maxim Februari spreken, evenals hoogleraar Vincent Icke van de Universiteit Leiden en dr. Aline Klingenberg van de Rijksuniversiteit Groningen.

De campagne beoogt een publieke discussie op gang te brengen over de inzet van risicoprofilering door de overheid en de impact die dit heeft op individuele rechten en vrijheden en het functioneren van de democratische rechtsstaat. Op de campagnewebsite zullen informatie en updates over de rechtszaak verschijnen. Daarnaast zal de campagne met Wob-verzoeken, juridisch en journalistiek onderzoek en interviews met deskundigen publieke voorlichting geven over risicoprofileringspraktijken in Nederland.

Meer informatie over de kick-off bijeenkomst is te vinden op de website van De Nieuwe Liefde.

Volg het twitteraccount van Bij Voorbaat Verdacht voor updates over de campagne en de rechtszaak.

De dagvaarding zal worden gepubliceerd op de website van Deikwijs Advocaten en op de website van PILP.

Bron: https://platformburgerrechten.nl/2018/01/12/ngos-starten-rechtszaak-tegen-de-staat-over-risicoprofilering-van-nederlandse-burgers/, 12 januari 2018.

Update 19 januari 2018: Lees alles over de campagne en de rechtszaak tegen SyRI op https://bijvoorbaatverdacht.nl. Hier leest u tevens hoe u kunt nagaan of u zelf in het Register Risicomeldingen van SyRI bent opgenomen.

Gepubliceerd in Rechtszaken

Vandaag heeft het Nederlandse kabinet zijn langverwachte voorstel voor een nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) bij de Tweede Kamer ingediend. Dit wetsvoorstel vormt een acute bedreiging voor de privacy van iedere Nederlander.

De voornaamste dreiging voor het recht op privacy in het wetsvoorstel bestaat uit de invoering van een massale internettap (sleepnet-bevoegdheid). De door het kabinet veronderstelde noodzaak hiervan is tot op heden echter niet aangetoond. Reeds hierom acht Privacy First het wetsvoorstel onrechtmatig. 

Daarnaast voorziet het wetsvoorstel onder meer in brede hack-bevoegdheden en bijbehorende decryptieverplichtingen (dit laatste zelfs op straffe van hechtenis), directe toegang tot databanken van overheid en bedrijfsleven, internationale uitwisseling van ongeëvalueerde bulk-data en eindeloze koppeling, datamining en profiling in massale hoeveelheden gegevens van voornamelijk onschuldige burgers. Deze excessieve uitbreiding van bevoegdheden gaat bovendien niet gepaard met bijbehorende waarborgen, zoals privacy by design. Ondanks het (eerder door Privacy First geadviseerde) versterkte toezicht op de diensten kan Privacy First dan ook niet anders concluderen dan dat het huidige wetsvoorstel in de kern ronduit totalitair is. In een wereld die in toenemende mate gekenmerkt zal worden door Big Data en het Internet of Things zal dit wetsvoorstel zich dan ook met name goed lenen voor toekomstig machtsmisbruik.

Privacy First herhaalt hierbij haar eerdere waarschuwing dat dit wetsvoorstel alsnog grondig ingeperkt danwel verworpen dient te worden. Bij gebreke hiervan behoudt Privacy First zich het recht voor om het wetsvoorstel, zodra van kracht, door de rechter te laten toetsen en onrechtmatig te laten verklaren.


Beluister tevens de reactie van Privacy First vanochtend bij BNR Nieuwsradio. Nader commentaar van Privacy First op het wetsvoorstel volgt binnenkort bij de parlementaire behandeling.

Gepubliceerd in Wetgeving

Wie in Eindhoven een avondje gaat stappen wordt continu in de gaten gehouden door "slim" cameratoezicht met microfoons en monitoring van social media. De gemeente, de politie en ICT-bedrijf Atos denken Eindhoven op deze manier veiliger te kunnen maken. Privacy First zet hier grote vraagtekens bij en overweegt juridische stappen. Hieronder een eerste reactie van Privacy First voorzitter Bas Filippini bij RTL Nieuws en een radio-interview met Filippini bij Omroep Brabant:

RTL 13nov2015 6

© RTL Nieuws

Interview Omroep Brabant, 12 november 2015:



Hieronder enkele eerdere nieuwsberichten over dit Orwelliaanse project:
http://www.nrcq.nl/2015/08/22/hoe-de-politie-misdaad-opspoort-nog-voordat-die-heeft-plaatsgevonden 
http://www.nrc.nl/handelsblad/2015/10/17/de-slimme-stad-kan-een-dom-idee-worden-1546062 
http://www.nrc.nl/nieuws/2015/10/16/techbedrijven-azen-massaal-op-nederlandse-steden-als-potentiele-klant 
http://www.ed.nl/regio/eindhoven/rennen-en-roepen-voor-test-sensorsystemen-op-stratumseind-1.5430984 

Gepubliceerd in Privacy First in de media
Pagina 1 van 2
© 2024 All Rights Reserved. Carefully crafted by WarpTheme

Onze Partners

logo Voys Privacyfirst
logo greenhost
logo platfrm
logo AKBA
logo boekx
logo brandeis
banner ned 1024px1
Deelnemer Privacycoalitie
Control Privacy
Pro Bono Connect logo 100